CE-certificering verdient een logische plek in het ontwikkelingstraject
In mijn praktijk ontmoet ik regelmatig startups die met overtuiging en technische creativiteit een nieuw product ontwikkelen. Er wordt ontworpen, getest, verbeterd en opgeschaald. Investeerders worden meegenomen in het verhaal, prototypes worden doorontwikkeld en de marktintroductie komt snel dichterbij. De energie zit in vooruitgang en ambitie. In die fase wordt het CE-verhaal vaak een ondergeschoven kindje en krijgt het CE-certificering vraagstuk vaak een meer praktische plek, ergens achteraan in het traject. Het wordt gezien als een noodzakelijke stap vóór levering — iets dat moet worden afgerond zodra het product technisch “klaar” is. Dat is begrijpelijk. Maar het is ook het punt waar risico kan ontstaan. Startups focussen op innovatie. De rechter focust op het technisch dossier in geval van een serieus incident.
Het perspectief verandert bij een incident
Zolang alles goed gaat, blijft de focus liggen op innovatie en groei. Maar wanneer een product ter discussie komt te staan — bijvoorbeeld door schade of letsel of erger – verandert het perspectief volledig. Dan wordt niet gevraagd hoe vernieuwend het concept was. Niet hoe snel het bedrijf is gegroeid. En ook niet hoeveel investeerders vertrouwen hadden in de onderneming.
Dan wordt gevraagd:
- Hoe zijn risico’s beoordeeld?
- Welke ontwerpkeuzes zijn gemaakt?
- Welke richtlijnen en/of normen zijn toegepast?
- Waar is dat vastgelegd?
Op dat moment staat niet het product centraal, maar het technisch dossier.

CE-certificering en -markering is een inhoudelijke verklaring
In de praktijk merk ik dat CE-markering nog vaak wordt gezien als administratieve afronding van het ontwikkelproces. In werkelijkheid is het een formele verklaring dat het product voldoet aan de essentiële veiligheids- en gezondheidsvereisten die binnen de Europese regelgeving gelden.
Wie een product op de markt brengt, verklaart daarmee dat:
- risico’s systematisch zijn geïnventariseerd,
- passende maatregelen zijn genomen,
- ontwerpkeuzes technisch zijn onderbouwd,
- en dit alles consistent is vastgelegd.
Die verklaring moet inhoudelijk gedragen worden. Niet alleen organisatorisch.
De verantwoordelijkheid bij marktintroductie
De druk waaronder startups opereren is begrijpelijk. Ontwikkeltrajecten verlopen iteratief. Ontwerpen veranderen snel. Beslissingen worden genomen op basis van voortschrijdend inzicht. Dat hoort bij innovatie.
Maar wat niet verandert, is de persoonlijke verantwoordelijkheid van oprichters, bestuurders en uitvoerders bij de marktintroductie. Wie een product onder eigen naam op de markt brengt, verklaart dat het veilig is binnen het beoogde gebruik en dat risico’s aantoonbaar zijn beheerst.
Die verantwoordelijkheid is niet alleen technisch van aard. Zij heeft ook een strategische dimensie. Zij raakt de positie van de onderneming richting investeerders, verzekeraars en — in het uiterste geval — de rechter.
Wat wordt er daadwerkelijk onderzocht in een onverhoopt serieus incident?
Wanneer een incident wordt onderzocht, wordt niet alleen gekeken naar het eindproduct. Er wordt gekeken naar het proces daarachter.
In de praktijk betekent het dat er wordt gevraagd naar:
- de volledige risicobeoordeling,
- de onderbouwing van constructieve keuzes,
- toegepaste normen en richtlijnen,
- onderliggende berekeningen,
- vastgelegde ontwerpwijzigingen,
- de gebruikshandleiding en eventueel de installatiehandleiding,
- en de verklaring van overeenstemming.
Het technisch dossier moet dan laten zien dat veiligheid geen impliciete aanname was, maar een expliciet en aantoonbaar onderdeel van het ontwerp.
Een dossier dat achteraf is samengesteld of onvoldoende samenhang vertoont, wordt in zo’n situatie snel zichtbaar als kwetsbaar.
Waar in de praktijk bevinden zich de kwetsbaarheden?
Wat ik tegenkom, is niet onwil of nalatigheid, maar versnippering. Risico’s zijn besproken, maar niet systematisch gedocumenteerd. Ontwerpkeuzes zijn logisch vanuit technisch oogpunt, maar niet expliciet onderbouwd met berekeningen of duidelijke normverwijzingen. Documentatie is verspreid over verschillende versies of systemen en mist onderlinge consistentie. Dat is begrijpelijk in een dynamische ontwikkelomgeving. Maar het maakt een onderneming juridisch en strategisch kwetsbaar wanneer een product ter discussie komt te staan ten gevolge van een incident.
Technische diepgang en onafhankelijke toetsing binnen het totale CE-certificering traject
Een robuust CE-traject vraagt daarom om inhoudelijke diepgang én samenhang.
Dat betekent:
- een systematische en navolgbare risicobeoordeling,
- een logisch en consistent opgebouwd technisch dossier,
- en — waar relevant — een aantoonbare technische onderbouwing van het ontwerp.
Bij producten waarbij mechanische belasting, stabiliteit, vermoeiing of materiaalgedrag een rol spelen, is een sterkteberekening geen formaliteit. Zij vormt een essentieel onderdeel van de veiligheidsverantwoording. Constructieve keuzes moeten niet alleen functioneel kloppen, maar ook aantoonbaar voldoen aan de geldende eisen.
In mijn ervaring kan een onafhankelijke beoordeling vóór marktintroductie waardevol zijn. Een externe blik kijkt anders naar aannames en impliciete beslissingen. Zij toetst of berekeningen, normen, risicobeoordeling en gebruikersinformatie logisch op elkaar aansluiten en of het technisch dossier ook voor een derde partij navolgbaar is.
Die combinatie van technische diepgang en procesmatige samenhang bepaalt of een CE-verklaring daadwerkelijk standhoudt wanneer zij kritisch wordt bekeken in een onverhoopt incident.

Innovatie verdient onderbouwing
Ik zie regelmatig hoe ambitie en technische creativiteit nieuwe producten mogelijk maken. Maar ik zie ook dat onderbouwing soms pas aandacht krijgt wanneer de marktintroductie al gepland staat of zelfs al in gang is gezet.
Innovatie vraagt visie en daadkracht. Marktintroductie vraagt daarnaast om aantoonbare onderbouwing. Een sterk product verdient een technisch dossier waarin risicobeoordeling, ontwerpkeuzes en constructieve veiligheid in samenhang zijn vastgelegd.
Voor startups die vóór introductie zekerheid willen over zowel de technische onderbouwing als de opbouw van het CE-dossier, kan een onafhankelijke en inhoudelijke toetsing helpen om risico’s inzichtelijk te maken en de positie van de onderneming structureel te versterken.

